Tekst Pieter Verbeek
Foto Rob Becker

Leo Blokhuis over muziek in de stad en de stad in muziek

Popkenner Leo Blokhuis, bekend van tv-programma’s als Top 2000 a Gogo en De Wereld Draait Door, schreef diverse boeken over popmuziek. Eén daarvan is City to City, waarin hij langs de steden trekt waar popgeschiedenis werd geschreven – van Los Angeles tot Londen. Op de Dag van de Stad duikt hij met beeld en geluid in popliedjes die over Nederlandse steden geschreven zijn. Welk beeld roepen ze op over de identiteit van Nederlandse steden, als je de liedjes in internationaal perspectief plaatst?

Wat is volgens jou de rol van steden voor muziek?

“Steden vormen de samenhang. Je komt elkaar tegen in de kroeg, als beginnend bandje op een lokaal festival of bij de repetitieruimte. Het is dan grappig dat sommige steden een bepaalde muzikale kleur krijgen. Hoe komt het dat Amsterdam in de 90’s vooral bekend stond als gitaarstad (naast de eerste Nederlandstalige hiphop) en Rotterdam juist als een r&b-stad?”

Kun je kort vertellen wat je gaat doen op de Dag van de Stad?

“Ik ga daar de muziekscene van een aantal Nederlandse steden behandelen, waarbij ik vooral wil zoeken naar samenhang in muziek, muzikanten en de stad waar zij vandaan komen en werken. Hoe hebben de Italiaanse gastarbeiders met hun Napolitaanse liederen het Jordanese levenslied bijvoorbeeld beïnvloed? Wat is de invloed van de Pop Academie op de muziek uit de stad waar die gevestigd is, Tilburg? Of hoe werd Rotterdam juist een belangrijke r&b-stad? Is er iets te zeggen over de reden dat sommige steden zo’n duidelijke muzikale kleur hebben – en als ze die kleur hebben, welke is dat dan? Denk aan hiphop in Zwolle of de beat in Den Haag.”

Kun je wat voorbeelden al geven van popliedjes over (Nederlandse) steden?

“Natuurlijk kent iedereen ‘Oh Oh Den Haag’, ‘Aan de Amsterdamse Grachten’ of ‘Toen wij uit Rotterdam’ vertrokken. Maar dat is niet zo relevant in mijn verhaal. Het gaat mij dus meer om wat er muzikaal in een stad gebeurt en of daar samenhang in te ontdekken is.”

Het thema van de Dag van de Stad is ’stad in balans’. Wanneer is een stad volgens jou in balans?

“Als er een goede plek is voor bewoners. Dat lijkt een open deur, maar bijvoorbeeld in Amsterdam is dat niet meer zo. Daar worden de bewoners het centrum uitgejaagd door krankzinnige huizenprijzen, opgedreven door een huisjesmelkers met geld, die huizen als beleggingsobjecten zien in plaats van ruimten om in te wonen, en door Airbnb-ondernemers. Als er wel een plek is voor inwoners, dan is er ook een gezonde middenstand en ruimte voor kunst en cultuur.”