Maatschappelijk effect

Bijdragen aan het  beschermen tegen blootstelling aan asbest om gezondheidsschade door asbest te voorkomen.

Beoogd resultaat in 2018

  • De asbestinventarisatie-bureaus hebben - na de interventies van de Inspectie - de kwaliteit van de asbestinventarisatierapporten verbeterd.
  • De notoire niet-nalevers zijn stilgelegd of alsnog de regels gaan naleven.
  • De Inspectie heeft bij geinspecteerde illegale saneringen de overtredingen onweerlegbaar vast kunnen stellen, zodanig dat er boeterapporten konden worden opgemaakt.

Maatschappelijk belang

De productie en het gebruik van asbest zijn in Nederland sinds 1994 verboden. Asbest is echter nog in ruime mate aanwezig in daken, vloeren, rioolpijpen of andere toepassingen. Bij het verbouwen en slopen van gebouwen, woningen, machines of schepen kan nog altijd asbest vrijkomen. Door blootstel¬ling aan asbestvezels kunnen op termijn zeer ernstige gezondheidsklachten optreden bij werknemers, maar ook bij bezoekers en omwonenden. Om dit risico zo klein mogelijk te houden is de sanering van asbest aan strikte regels gebonden.

In de Tweede Kamer ligt het wetsvoorstel om per 2024 het hebben van asbestdaken te verbieden. Als gevolg hiervan wordt de komende jaren een toename van de sanering van daken verwacht. Bij asbestsaneringen zijn gecertificeerde bedrijven betrokken, zowel asbestinventarisatiebureaus als asbestsaneerders. De saneringswerkzaamheden gebeuren niet altijd correct en zijn daarom onderwerp van toezicht. Naast gecertificeerde asbestsaneerders komt de Inspectie ook niet-gecertificeerde saneerders tegen bij asbestsanering met een risico hoger dan risicoklasse 1.

Toelichting op beoogde resultaten

De aanpak richt zich op betere naleving van de wet- en regelgeving door zowel (gecertificeerde) werkgevers als werknemers en door minder illegale, onzichtbare en onveilige asbestverwijderingen.

Om de beoogde resultaten te behalen worden verschillende interventies ingezet, zoals ‘inspecteren bij de gecertificeerde werkgevers’, ‘druk zetten op het stelsel’ en het versterken van de positie van de ‘Deskundig Inventariseerder Asbest’ (DIA).
Zo bestaan de interventies die er aan moeten bijdragen dat de asbestinventarisatiebureaus de kwaliteit van de rapporten verbeteren uit inspecteren, gesprekken met de bureaus, druk zetten op netwerken (afwijkingen melden aan CKI’s) en communicatie via het platform DIA/ DTA (Deskundig Toezichthouder Asbestverwijdering) met als doel kennis verhogen bij de DIA’s. 

De Inspectie blijft notoire niet-nalevers hinderlijk volgen door voortdurend te inspecteren en te handhaven bij overtredingen in samenwerking met de Omgevingsdiensten en de CKI’s. Notoire niet-nalevers gaan uiteindelijk de regels respecteren of ze worden stilgelegd, of hun certificering wordt ingetrokken.

Optreden tegen illegale saneerders vindt onder andere plaats door onaangekondigd te inspecteren, door direct (sneller) te reageren op (anonieme) meldingen via de asbest-App, via Meld Misdaad Anoniem (MMA) en door samenwerking met de Omgevingsdiensten.1 Ook het inzetten van strafrechtelijk onderzoek, het ontnemen van wederrechtelijk verkregen voordeel en het openbaar maken van namen van overtreders draagt bij aan het realiseren van de doelstelling. Over de activiteiten van de Inspectie en door hen opgelegde sancties wordt naar buiten toe gecommuniceerd.

De Inspectie staat bij het programma Asbest aan het begin van een intensieve samenwerking met de Omgevingsdiensten en het Openbaar Ministerie (OM). De verwachting is dat deze samenwerking het gezamenlijk effect op de samenleving vergroot, omdat hierdoor beter de illegale asbestverwijdering en notoire niet-nalevers binnen de gecertificeerde sector worden aangepakt. Er zijn verschillende activiteiten in gang gezet. Het gaat daarbij om het opstellen van een gezamenlijke handhaving- en sanctiestrategie, om nieuwe afspraken over onderlinge gegevensuitwisseling en om het inrichten van zes regionale handhavingoverleggen. Daaraan nemen - naast de Inspectie SZW, de Omgevingsdiensten en het OM - ook de politie en ILT deel. 

Dubieuze rol makelaar bij illegale asbestsanering

Een makelaar heeft een illegale asbestsaneerder aanbevolen bij tenminste twee verkopers van particuliere woningen. De Inspectie SZW heeft twee boetes opgelegd tegen de malafide saneerder. De Inspectie SZW heeft de NVM op de hoogte gebracht van de dubieuze handelingen van deze makelaar.

Uit nader onderzoek bleek dat de saneerder in ieder geval nog op één andere locatie illegaal asbest had gesaneerd. Beide huizenverkopers, die elkaar niet kennen, verklaarden tegen de inspecteurs dat zij van hun makelaar de naam van deze malafide saneerder hadden gekregen.

De huizenverkopers lijden een aanzienlijke financiële schade door het niet correct laten verwijderen van asbest. Ook voor de bewoners had de illegale sanering financiële consequenties. Zo moesten zij een besmettingsonderzoek laten verrichten, om te kijken of in de woning geen asbestvezels waren achtergebleven. Bij het niet goed verwijderen van asbest bestaat immers de kans dat asbestvezels in andere ruimten terecht komen. Verder moest op hun kosten alsnog een inventarisatierapport gemaakt moeten worden en een gecertificeerd asbestverwijderingsbedrijf ingehuurd worden voor het verwijderen van achtergebleven asbest en asbestvezels.

1 Het aantal interventies dat door de Inspectie zal worden gedaan, is, zoals in het hoofdstuk 'Gevolgen van het regeeerakkoord' benoemd, afhankelijk van de ontwikkeling van het aantal te onderzoeken arbeidsongevallen in 2018. Een stijging van het aantal arbeidsongevallen gaat ten koste van de inspecties binnen onder andere dit programma.