De Inspectie onderscheidt drie soorten van uitbuiting: arbeidsuitbuiting, gedwongen dienstverlening en criminele uitbuiting.

1. Uitbuiting

De Inspectie onderscheidt drie soorten van uitbuiting: arbeidsuitbuiting, gedwongen dienstverlening en criminele uitbuiting. Arbeidsuitbuiting is uitbuiting van een ander door gedwongen of verplichte arbeid of diensten waarbij sprake is van een sterke inperking van de vrije keuze. Kenmerkend voor arbeidsuitbuiting is een stapeling van factoren zoals onderbetaling, lange werktijden, slechte huisvesting, intimidatie en fysieke/psychische druk die leiden tot meervoudige afhankelijkheid van het slachtoffer. Onder gedwongen dienstverlening vallen alle diensten die onder dwang moeten worden verricht. Hierbij kan het gaan om verschillende vormen van dienstverlening waar geen arbeidsverhouding aan ten grondslag ligt, zoals het gedwongen verrichten van allerlei klussen in of rond het huis. Bij criminele uitbuiting gaat het om gedwongen criminaliteit.
                    
2. Onderbetaling                                        
Onderbetaling is de situatie waarin werknemers minder betaald krijgen dan is vastgelegd in de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (WML). We onderscheiden drie vormen van onderbetaling:
1.    onderbetaling van werknemers (inclusief degenen die op basis van stukloon of overeenkomst van opdracht werken);
2.    onderbetaling in verband met schijnzelfstandigheid;
3.    onderbetaling van stagiairs.
Het begrip werknemers slaat hier dus niet alleen op personen met een officieel arbeidscontract.

3. Illegale tewerkstelling                                    
Onder illegale tewerkstelling wordt verstaan: tewerkstelling van vreemdelingen zonder dat – indien vereist – aan de vergunningsplicht van de Wet arbeid vreemdelingen is voldaan. Ook personen die wel legaal in Nederland verblijven, maar niet zonder tewerkstellingsvergunning mogen werken, vallen binnen het risico illegale tewerkstelling.

4. Aantasting arbeidsverhoudingen                      
Ondanks de wet- en regelgeving is het mogelijk dat er een disbalans ontstaat in de verhouding werkgever-werknemer(s) die ten nadele is van de werknemer. Deze disbalans kan ontstaan tussen werkgevers en werknemers in het algemeen, maar kan ook betrekking hebben op specifieke groepen werknemers (bijvoorbeeld uitgeleende arbeidskrachten). Daarnaast hecht de overheid ook aan medezeggenschap van werknemers, niet alleen als middel om de rechtspositie van de werknemer te versterken, maar ook als een doel op zichzelf.

Het voorgaande leidt tot drie subrisico’s met betrekking tot het hoofdrisico Aantasting arbeidsverhoudingen, ten nadele van de werknemer:
4.1 Aantasting rechtspositie werknemer;
4.2 Aantasting rechtspositie uitgeleende arbeidskrachten;

Interview Aron van der Linden en Arnold van den Berg

Aron van der Linden, nieuwe inspecteur Arbeidsmarktfraude 

“Oneerlijke en ongezonde situaties aanpakken”
 

Aron van der Linden studeerde integrale veiligheid. Door een ongeval verloor hij gedeeltelijk zijn zicht, waardoor executieve dienst bij bijvoorbeeld de politie geen haalbare kaart is. De Inspectie SZW biedt die mogelijkheid wél. Daarom kon hij zijn kantoorbaan vaarwel zeggen om inspecteur te worden. Aron voelt zich aangetrokken tot de maatschappelijke rol van de Inspectie:

“Fraude op de arbeidsmarkt heeft vaak een grote maatschappelijke impact en ondermijnt mijns inziens de rechtsstaat. Ik help graag mee om onveilige, oneerlijke en ongezonde situaties in dit land aan te pakken.”
 

Pijnlijk contrast
Dat het werk als inspecteur relevant is, heeft Aron al tijdens zijn eerste inspecties met praktijkbegeleider Arnold van den Berg ervaren. “Zelf heb ik een goede baan met uitstekende arbeidsvoorwaarden. Als je tijdens een inspectie het enorme contrast ziet tussen jezelf en anderen is dat gewoon pijnlijk. Dat contrast verminderen geeft mij enorm veel voldoening, dáár ligt mijn ambitie. Dat kan natuurlijk door te leren zo goed mogelijke inspecties uit te voeren, maar ook door mee te denken over het vak en aan de voorkant op te treden. Dit is ook mijn boodschap aan de Inspectie en bedrijven in Nederland: wees op de hoogte, verplaats je in een ander en denk mee!”
 

Stevige autoriteit
Het valt Aron op dat veel bedrijven de Inspectie echt zien als ‘een stevige autoriteit’. Aron: “De meeste werknemers die je moet horen, werken wel mee als je goed duidelijk maakt dat je er bent om hen te helpen. Maar dit baseer ik puur op de inspecties die ik tot nu toe heb meegemaakt. Ik kan mij voorstellen dat dit niet altijd het geval zal zijn. Ik vind het daarbij heel mooi om te zien dat je als inspecteur je eigen stijl kunt ontwikkelen en er veel vrijheid is. Ik begrijp dat de zittende inspecteurs in het verleden meer vrijheid ervoeren. Maar vergeleken met mijn vorige kantoorbaan vind ik deze mate van autonomie al prachtig.”
 

Arnold van den Berg, ervaren inspecteur Arbeidsmarktfraude

“Juiste signalen leren oppikken”
De inspecteurs van Arbeidsmarktfraude zien toe op de naleving van vijf behoorlijk complexe wetten. Van de Wet minimumloon tot de WagwEU. Die wet omvat de verplichting om op de werkplek te beschikken over onder andere de arbeidsovereenkomsten, loonspecificaties en betaalbewijzen van het loon van personeel van Europese bedrijven die in Nederland actief zijn. Arnold van den Berg is blij met de uitbreiding van de inspectiecapaciteit, en werkt dan ook graag mee aan het wegwijs maken van nieuwe collega’s. Arnold en Aron zijn samen een aantal keer op pad geweest om inspecties uit te voeren. “Hij lijkt wel een beetje op mij”, lacht Arnold. “Hij laat zich niet met een kluitje in het riet sturen, vraagt door en staat open voor het verhaal dat mensen vertellen.”

Arnold is te spreken over het niveau van de jonge garde: “Ze hebben heel wat in hun mars. Maar het vakgebied is erg specifiek, zowel in de theorie als in de praktijk. Je moet natuurlijk de wet- en regelgeving goed kennen, zodat je niet snel van de wijs raakt. Minstens zo belangrijk is dat je in de praktijk de juiste signalen leert op te pikken. Die kunnen je vertellen dat er iets aan de hand is. Denk bijvoorbeeld aan bekendheid met de talloze identiteitsbewijzen die je onder ogen krijgt. Of aan afwijkingen die je kunt zien in loonstroken, of als je omzetten naast urenadministraties legt. Dat is ervaring die nieuwe collega’s gaandeweg oppikken, en daar help ik met plezier aan mee.”