KNMI Jaaroverzicht 2020

KNMI Jaaroverzicht 2020

Deze printvriendelijke versie bevat niet de volledige inhoud van het online magazine, maar alleen de teksten en een beperkte selectie foto´s. Het hele online magazine met alle foto´s, video´s en multimedia kan worden bekeken op:
https://magazines.rijksoverheid.nl/knmi/knmi-jaaroverzicht/2020/01/index

Nog een tip voor het geval u het magazine wil printen: Heeft u een Windows-computer en bekijkt u het magazine met het programma Chrome? Dan adviseren we u voor het afdrukken alleen gebruik te maken van het zogenoemde dialoogvenster (Ctrl+P).

Dit artikel hoort bij: KNMI Jaaroverzicht 2020

2020, een uitzonderlijk jaar

Het jaar 2020 was gedenkwaardig. Daar kunnen we niet omheen. Het coronavirus zette de wereld op zijn kop. We hebben allemaal onze werkzaamheden en ons dagelijks leven moeten aanpassen. En dat geldt dus ook voor het KNMI.

Die grote veranderingen hebben mede geleid tot een afname in luchtvervuiling. Dat is door collega's van het KNMI waargenomen vanuit de ruimte met het Nederlandse satellietinstrument Tropomi. Wereldwijd was er een afname van 8,8% in CO2-uitstoot over de eerste helft van 2020.

Maar nog voor al deze maatregelen van kracht werden kregen we in Nederland te maken met Ciara, de eerste storm in ons land met een naam. Stormen krijgen sinds 2019 een naam om het bewustzijn van gevaarlijk weer te vergroten voordat het toeslaat.  Daarmee kan het KNMI de samenleving eerder en herkenbaarder waarschuwen voor gevaarlijk weer.

Het KNMI speelt een centrale rol in Nederland voor het verzamelen van data over en het onderzoeken van het klimaat. Het klimaat verandert, vooral door de CO2-uitstoot van de mens. De snelheid waarmee de aarde opwarmt sinds midden vorige eeuw is ongeëvenaard: het is nu al gemiddeld zo'n twee graden warmer in Nederland dan rond 1900. Het nieuwe klimaatdashboard van het KNMI toont in één overzicht de gemiddelde temperatuur met daarin de trend, de verwachting en de verschillende klimaatscenario's voor de toekomst.

Het jaar 2020 kenmerkte zich verder als een jaar waarin records werden gebroken (of geëvenaard): samen met 2014 was dit het warmste jaar sinds het begin van de metingen  in 1901, in februari viel er gemiddeld nog nooit zoveel neerslag, het was nog nooit zo vroeg in het jaar zo warm als deze lente – het was ook de zonnigste lente sinds de start van onze waarnemingen – de zomer kende een recordaantal opeenvolgende tropische dagen en 15 september werd de warmste septemberdag ooit gemeten in De Bilt.

Feit is dat 2020 een jaar is dat we niet snel zullen vergeten. Het heeft veel van ons gevraagd. Van ons als KNMI, maar ook van ons als mensen. Het maakt mij trots om te zien hoe onze collega’s onder deze ingewikkelde omstandigheden hebben doorgewerkt en zich niet hebben laten remmen in hun creativiteit.

Gerard van der Steenhoven
Hoofddirecteur KNMI

Dit artikel hoort bij: KNMI Jaaroverzicht 2020

Recordwarm en zeer zonnig

In 2020 werd het ene na het andere weerrecord gevestigd. Samen met 2014 was 2020 het warmste jaar sinds het begin van onze waarnemingen. De gemiddelde temperatuur lag met 11,7 °C ruim anderhalve graad hoger dan de normaalwaarde (10,1 °C). Dit past bij de trend van een opwarmend klimaat. Het jaar 2020 was namelijk het zevende warme jaar op rij.

Met landelijk gemiddeld 2026 zonuren was het een zeer zonnig jaar, vergeleken met het gemiddelde van 1639 uur. Hiermee is 2020 het op twee na zonnigste jaar sinds het begin van de metingen in 1901.

2020 was een jaar met grote verschillen in neerslag. Landelijk gezien was het een droger jaar met 785 mm neerslag tegenover een normaal van 847 mm. In het oosten en zuidoosten was het na 2018 en 2019 opnieuw zeer droog. Aan de westkust was het daarentegen een vrij nat jaar. Het landelijk neerslagtekort was zo hoog, dat 2020 binnen de bovenste vijf procent van droogste jaren valt.

Dit artikel hoort bij: KNMI Jaaroverzicht 2020

Het klimaatverhaal van 2020

Dit jaar was recordwarm en zeer zonnig. Hoe passen die hitte, de zon en het andere weer in Nederland van vorig jaar in een langjarige trend? Was het weerjaar 2020 een voorproefje van een warmere toekomst?

Droog en zonnig voorjaar

De lente was record zonnig en zeer droog. Beide kenmerken passen in een langjarige trend. Sinds het begin van de vorige eeuw (het begin van de KNMI metingen), maar vooral vanaf de jaren tachtig, is er een trend naar meer zonneschijn. Deze trend wordt veroorzaakt door een afname van de luchtvervuiling en van de bewolking. In het voorjaar van 2020 waren de luchten extra schoon en vrijwel zonder vliegtuigstrepen door de coronamaatregelen, en was er een aanhoudend hogedrukgebied dat het aantal zonuren verder deed toenemen. Er is nog geen waarneembare trend naar meer of minder hogedruk, maar in de KNMI-klimaatscenario’s voor de toekomst wordt wel rekening gehouden met een mogelijke verandering van weerpatronen die leiden tot een toename van droogte.

Het hogedrukgebied en het daarbij passende weer (droog, zon en warm) leidde tot een recordhoog neerslagtekort in de maanden april en mei (figuur 1). Dit past in een langjarige trend naar drogere voorjaren. Deze trend wordt grotendeels veroorzaakt door toegenomen verdamping, ten gevolge van hogere temperaturen en meer zon.

Lange hittegolf in de zomer

De zomer was gemiddeld behoorlijk warm, wat natuurlijk past bij de algemene opwarming van het klimaat. Verder viel de hittegolf op, van 5 tot 18 augustus, met daarin negen tropische dagen. Het aantal dagen met zulke hoge temperaturen is flink toegenomen door klimaatverandering (figuur 2) en zal naar verwachting verder toenemen.

Winter zonder kou

Tenslotte een extreme gebeurtenis die wellicht minder is opgevallen: een winter zonder echte kou. Het Hellmann-koudegetal, de som van alle dagtemperaturen onder het vriespunt, kwam slechts tot 0,1 graden (figuur 3). Aan de hand daarvan wordt de winter als ‘buitengewoon zacht’ geclassificeerd. Klimaatverandering leidt tot mildere winters met minder koudegolven, de zachte winter past bij die trend.

Wisselvalligheid blijft bestaan

Zo gezien past het opvallende weer van het afgelopen jaar dus bij het weer dat we verwachtten onder klimaatverandering. Er moet echter wel een kanttekening gemaakt worden. Ook in de toekomst, wanneer het gemiddeld nog warmer is dan nu, zal het weer wisselvallig zijn. Verregende lentes of, positiever gedacht, schaatswinters zullen ook in de toekomst nog voorkomen.

Dit artikel hoort bij: KNMI Jaaroverzicht 2020

Afname luchtvervuiling tijdens coronacrisis

De maatregelen om het coronavirus te bestrijden, hebben als neveneffect dat er minder vervuilende stoffen worden uitgestoten. Geschat wordt dat er in Nederland na de eerste maatregelen in maart 20 tot 30 procent minder luchtvervuiling was. Dit hebben we kunnen waarnemen dankzij het Nederlandse satellietinstrument Tropomi. De afname is weliswaar tijdelijk, maar geeft bijzondere inzichten weer. Wereldwijd was er een afname van 8,8 % in CO2-uitstoot in de eerste helft van 2020.

In Nederland zijn vanaf 16 maart maatregelen getroffen om verdere verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Deze maatregelen leiden tot een sterke vermindering van met name het wegverkeer en vliegverkeer, maar ook de industriële activiteiten. Daardoor is er tijdelijk minder uitstoot van schadelijke stoffen, zoals koolstofdioxide (CO2) en stikstofdioxide (NO2). Met Tropomi konden we dit effect van dag tot dag volgen. Hiermee kon er een vergelijking gemaakt worden met de luchtvervuiling in het voorgaande jaar.

Eind maart hebben we een eerste schatting gemaakt van de reductie boven Nederland. Om externe invloeden van het weer op de vergelijking te minimaliseren is de periode van 22 tot 26 maart 2020 vergeleken met 23 tot 27 februari 2019. In beide periodes was het grotendeels onbewolkt in Noordwest-Europa en kwam de wind uit het zuidoosten. Uit de analyse wordt geschat dat de maatregelen hebben geleid tot een afname van tussen de twintig en zestig procent van de concentraties boven Nederland. Latere schattingen op basis van langere tijdreeksen gecombineerd met modelsimulaties komen uit op een verlaging van tussen de 20 en 30% voor Nederland tijdens de maatregelen van eind maart en april 2020. In andere steden in Europa, zoals Madrid, Rome, Milaan, en Parijs, waar een echte lockdown van kracht was, zijn afnames van rond de 50% in NO2 waargenomen met Tropomi.

Afname CO2-uitstoot over de hele wereld

De gevolgen van de genomen maatregelen in een groot aantal landen hebben ook invloed op de hoeveelheid energie die we gebruiken en broeikasgassen die we uitstoten. Het combineren van satellietmetingen en metingen aan de grond zorgden voor nauwkeurigere schattingen van de veranderingen in uitstoot. Wereldwijd was er een afname van 8,8 % in CO2-uitstoot in de eerste helft van 2020 ten opzichte van dezelfde periode in 2019. De grootste verandering in de uitstoot in 2020 werd veroorzaakt door een afname van wegtransport en afname in de energiesector. Verder droegen de industrie, luchtvaart, scheepvaart en gebouwde omgeving bij aan de totale afname van CO2 uitstoot.

Toename luchtvervuiling

Richting de zomer werden de maatregelen in de meeste landen versoepeld. In de periode mei tot en met augustus constateerden we een duidelijke toename van de NO2-vervuiling in Europa, terug in de richting van het niveau zoals we dat gewend zijn de afgelopen jaren, zie afbeelding. Wel waren de concentraties in de meeste steden nog steeds tien tot twintig procent lager dan in 2019. Deze gegevens tonen aan dat het een merkbaar effect heeft als sectoren minder uitstoten. De afbeelding laat zien dat de tijdreeksen en verschillen tussen 2020 en 2019 van Tropomi goed overeenkomen met grondmetingen. De metingen van trends in de kolomhoeveelheid, gemeten met het satellietinstrument Tropomi, is dus ook een goede maat voor de veranderingen in de concentraties aan de grond, van belang voor onze gezondheid.

Tropomi

Tropomi (TROPOspecheric Monitoring Instrument) is een satellietinstrument van Nederlandse makelij dat de luchtkwaliteit wereldwijd nauwkeuriger dan ooit onderzoekt. Het satellietinstrument kijkt dag in dag uit naar de atmosfeer. Tropomi draait in een polaire baan rond de aarde, op 824 kilometer boven het oppervlak. Daardoor is het instrument in staat om de concentraties van vervuilende stoffen in één dag over heel de aarde in kaart te brengen. Dit maakt het mogelijk om voor verschillende gebieden en perioden toenames en afnames te registreren.

Dit artikel hoort bij: KNMI Jaaroverzicht 2020

Onze weerwaarschuwingen

De weerkamer van het KNMI staat 24/7 paraat om Nederland te waarschuwen als er gevaarlijk weer dreigt. Door tijdig te waarschuwen kunnen mensen zich voorbereiden op gevaarlijk weer waardoor de kans op schade en letsel beperkt wordt. De impact van extreem weer, de gevolgen voor de samenleving op de weg, het water en in de straat, is het uitgangspunt voor onze waarschuwingen.

In 2020 hebben we vijf keer code oranje uitgegeven en geen code rood. De waarschuwingen werden uitgegeven voor zware windstoten, hitte en onweersbuien. Bij code oranje bestaat een grote kans (60% of meer) op gevaarlijk of extreem weer waarbij de impact groot is. In een dergelijk geval is het advies om risico's te beperken door alert te zijn en voorzorgmaatregelen te nemen passend bij de voorspelde weerssituatie. 

Uitgegeven waarschuwingen

Onze eerste waarschuwing in 2020 was voor de storm Ciara die op zondag 9 februari over Nederland trok. De storm trok via Schotland naar het zuiden van Noorwegen. Het behorende windveld zorgde voor (zeer) zware windstoten in Nederland op zondagmiddag en -avond. In de kustprovincies werden windstoten van circa 120 kilometer per uur gemeten. Ook in het binnenland werden er forse windstoten geregistreerd, bijv. 99 km/h in Maastricht. In Overijssel werd met 84 kilometer per uur de laagste maximale windstoot genoteerd.

Op zaterdag 27 juni gaven we code oranje uit voor de provincie Groningen vanwege zware onweersbuien. Vanaf 17.00 uur tot 18.00 uur trokken regen- en onweersbuien over de provincie. De code werd uitgegeven vanwege veel neerslag in korte tijd en grote hagelstenen die samengingen met zware windstoten tot 75 kilometer per uur. 

Van 8 tot en met 12 augustus gaven we code oranje uit vanwege extreme hitte in de provincies Limburg, Gelderland, Noord-Brabant en Zeeland. In deze hittegolf lag de maximumtemperatuur acht dagen op rij boven de 30,0 °C. Het weekgemiddelde was met 33,2 °C hoger dan ooit gemeten. Ook waren de minimumtemperaturen uitzonderlijk. Die schommelden tussen 18,4 en 21,5 °C met een weekgemiddelde van 19,7 °C. 

Op 16 en 21 augustus werd code oranje uitgegeven voor hagel, windstoten en veel neerslag in korte tijd. Op 16 augustus trokken zware regen- en onweersbuien vanuit het zuiden naar het noorden. De code werd uitgegeven voor heel het land met uitzondering van Limburg. Voor donderdag 21 augustus werd code oranje afgegeven voor de provincies Groningen en Friesland. Er waren onweersbuien met hagel en harde windstoten. De buien trokken via de Waddeneilanden verder de Noordzee op.

Voor Caribisch Nederland (de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba) hebben we waarschuwingen uitgegeven voor de tropische stormen Isaias (28-30 juli) en Laura (21-21 augustus). Deze stormen trokken uiteindelijk niet over de eilanden maar zorgden wel voor zware buien en een ruwe zee. Voor Bonaire zijn er in 2020 geen orkaan- of tropische stormwaarschuwingen uitgegeven. Er is wel een informatie bulletin (early warning) voor tropical storm Gonzalo uitgegeven, deze bereikte Bonaire uiteindelijk niet.

Dit artikel hoort bij: KNMI Jaaroverzicht 2020

Aardbevingen in Nederland

In 2020 waren er 90 aardbevingen in Nederland. 76 hiervan waren geïnduceerde aardbevingen en vonden voor het merendeel plaats in het Groningen-gasveld. Geïnduceerde aardbevingen zijn het gevolg van menselijk handelen en komen in Nederland met name in het noorden voor. In de afgelopen jaren is een daling in het totaal aantal aardbevingen in Groningen zichtbaar. Tektonische aardbevingen komen voort uit de natuurlijke beweging van de aardkorst en treden voornamelijk op in het zuiden van Nederland. In 2020 vonden er in Nederland 14 tektonische aardbevingen plaats.

Zwaarste beving bij Loppersum

Van de 69 geïnduceerde bevingen in het Groningen-gasveld hadden 16 een groter magnitude dan 1,5 op de schaal van Richter. Op 14 juli vond de krachtigste aardbeving van 2020 plaats bij Loppersum. Deze had een magnitude van 2,7 op de schaal van Richter. De zwaarste geïnduceerde aardbeving ooit in Nederland gemeten was op 16 augustus 2012 in het Groningse Huizinge met een magnitude van 3,6.

Seismische energie

Naast het aantal aardbevingen en de magnitudes ervan (een maat voor de kracht van de beving), kan er gekeken worden naar het seismisch moment (een maat voor de energie die vrijkomt bij een beving). Het overzicht hieronder laat de totale hoeveelheid seismische energie (het seismisch moment) voor het Groningen-gasveld zien. In 2020 is er minder seismische energie vrijgekomen dan in voorgaande jaren. Dit komt doordat er, in tegenstelling tot 2018 en 2019, geen aardbevingen met een magnitude hoger dan 3,0 plaatsgevonden hebben. Hoe zwaarder de beving, hoe meer energie er vrijkomt.

Dit artikel hoort bij: KNMI Jaaroverzicht 2020

Colofon

KNMI Jaaroverzicht, 2020 Jaargang 5

Publicatiedatum
woensdag 07 april 2021
Productie
KNMI
Eindredactie
Annemarie Hoogendoorn, Communicatie
Vormgeving
Fotografie: Tineke Dijkstra, Ruben Jorksveld, Valerie Kuypers, Marc Pluijmen, Rob Poelenjee, Jannes Wiersema,
Internet
http://www.knmi.nl
Copyright
CC0 1.0 Universal