Tekst Daniva van der Wiel

Pakjesavond vierde Minister Blok dit jaar in Brussel, waar op 4 en 5 december de NAVO ministeriële bijeenkomst plaatsvond. Minister Blok is hiervoor samen met collega’s van de directie Veiligheidsbeleid (DVB) naar Brussel afgereisd. Direct na de ministeriële bijeenkomst vloog de delegatie door naar Milaan in kerstsfeer voor de OVSE ministeriële bijeenkomst (Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa). Nu het stof van de twee ministeriële bijeenkomsten is neergedaald, rest de vraag: wat is er allemaal besproken en gebeurd in Brussel en Milaan? Wellicht een nog belangrijkere vraag: welke resultaten zijn er in deze vier dagen behaald?

Leestijd: 5 minuten

NAVO ministeriële bijeenkomst

Tijdens de NAVO ministeriële bijeenkomst kwamen veel onderwerpen aan bod. In dit artikel willen we bij een paar zeer actuele onderwerpen stilstaan.

Oekraïne en Georgië

De bijeenkomst van de Noord-Atlantische Raad begon met een ontmoeting met de Oekraïense en Georgische ministers van Buitenlandse Zaken. Uiteraard was daarin veel aandacht voor de recente gebeurtenissen in de Straat van Kertsj. De NAVO-bondgenoten waren eensgezind in hun oordeel dat het optreden van Rusland tegen Oekraïense marineschepen een schending van het internationale recht is. Rusland moet ervoor moet zorgen dat de Oekraïense havens weer bereikbaar zijn en dat vrije doorvaart wordt gewaarborgd. Nederland riep tijdens deze bijeenkomst op tot de-escalatie en tot het vrijlaten van de gevangen genomen Oekraïense zeelieden.

Intermediate-Range Nuclear Forces Treaty (INF-Verdrag)

Tijdens de bijeenkomst is gesproken over het INF Verdrag. De VS hebben aangegeven dat zij Rusland nog 60 dagen de tijd te geven om zich volledig aan het Verdrag te houden. Bondgenoten stonden achter de Verenigde Staten en brachten een gezamenlijke Verklaring uit. Hierin constateerden zij dat Rusland het Verdrag schendt. Verder riepen zij Rusland op om zich volledig te houden aan het Verdrag. Tegelijkertijd blijft de dialoog met Rusland essentieel en blijft de NAVO zich inzetten voor wapenbeheersing, ontwapening en non-proliferatie. Nederland heeft ook aangegeven dat de NAVO zich moet voorbereiden op een situatie waarbij Rusland niet binnen 60 dagen tot inkeer komt.

Defensie-uitgaven

Gelet op de veranderende veiligheidsomgeving zijn meer investeringen in defensie en veiligheid nodig. Al in 2014 spraken Bondgenoten af om in 2024 te komen tot defensie-uitgaven gelijk aan 2% van het BBP (Bruto Binnenlands Product). We kunnen niet langer leunen op de veiligheidsgarantie van de VS zonder onze eigen ‘fair share’ bij te dragen. De Verenigde Staten maakten tijdens de bijeenkomst van de gelegenheid gebruik om landen aan te sporen zo snel mogelijk geloofwaardige nationale plannen op te stellen om tot de 2% te komen. Nederland heeft het Nationaal Plan op 14 december naar de Tweede Kamer gestuurd en zal dit voor het einde van 2018 naar de NAVO sturen. Nederland is van plan te investeren in een aantal prioritaire capaciteiten, die aansluiten bij de capaciteitendoelstellingen van de NAVO. Dit zijn F-35 jachtvliegtuigen (ook wel JSF genoemd); vuurkracht op land en zee; special operations force; en op cyber- en informatiedomein. Hierdoor zal Nederland sneller, krachtiger en langer kunnen optreden.

Tijdens de bijeenkomst is benadrukt dat de initiatieven op het gebied van Europese defensiesamenwerking complementair zijn aan de NAVO. Voor Nederland blijft de NAVO de hoeksteen voor onze veiligheid. Europese samenwerking leidt tot schaalvergrotingen en meer interoperabele capaciteiten. Hiermee wordt het Europese aandeel in de NAVO vergroot en dit komt ten goede van de Trans-Atlantische veiligheid.

De zuidflank van het Bondgenootschap

Tijdens het diner spraken de ministers van Buitenlandse Zaken over de ontwikkelingen aan de Zuidflank van de NAVO. Hierbij werd onder andere aandacht besteed aan de NAVO missie in Irak. Deze missie richt zich op het versterken van de Iraakse veiligheidssector door training en advies, terrorismebestrijding. Daarnaast is gesproken over een mogelijk rol voor de NAVO in capaciteitsopbouw in Libië. Aan de ene kant kan het land wel hulp gebruiken, aan de andere kant maakt de huidige politieke en veiligheidssituatie dat niet gemakkelijk. Besloten is om de mogelijkheden voor advisering van de strijdkrachten vanuit buurlanden te onderzoeken, met de optie de activiteiten naar Libië te verplaatsen zodra de context dit toelaat.

OVSE ministeriële bijeenkomst

Direct na de NAVO ministeriële bijeenkomst kwam de OVSE bijeen in Milaan.

Special Monitoring Misson (SMM)

Het conflict in Oekraïne was ook tijdens de OVSE-ministeriële bijeenkomst onderwerp van gesprek. Tijdens de plenaire sessie spraken 57 landendelegaties. De overgrote meerderheid sprak zorg uit over de situatie in Oekraïne en met name het recente incident in de Zee van Azov. Daarnaast waren er veel zorgen over de humanitaire situatie in Oost-Oekraïne. De OVSE SMM, de waarnemingsmissie in Oekraïne, is de enige neutrale ‘speler’ die in oost-Oekraïne opereert en wordt zoveel mogelijk ingezet waar mogelijk. Vanuit de landendelegaties was er veel steun voor de SMM.

Structured Dialogue

De Structured Dialogue is eind 2016 gelanceerd om het wederzijdse vertrouwen van de OVSE-landen te verbeteren, als basis voor een versterkt conventioneel wapenbeheersingsregime in Europa. De leidende principes van de Structured Dialogue zijn transparantie, collectief eigendom en begrip voor uiteenlopende opvattingen binnen het OVSE-gebied. Nederland sprak steun uit voor voortzetting van deze Structured Dialogue.

Derde dimensie

De OVSE heeft een alomvattend veiligheidsconcept: niet alleen politiek-militaire onderwerpen (eerste dimensie), maar ook economische en milieu-kwesties (tweede dimensie) en humanitaire zaken (derde dimensie) hebben effect op de veiligheid.

Eén van de drie onderwerpen waar minister Blok zich op focuste tijdens zijn interventie was deze derde dimensie, gericht op de bevordering van mensenrechten en fundamentele vrijheden binnen de OVSE regio. Ook biedt de OVSE ondersteuning bij democratiseringsprocessen en bij vrije en eerlijke verkiezingen. Nederland legt de prioriteit bij vrijheid van meningsuiting, rechten van LGBTI’s en vrijheid van godsdienst en levensovertuiging. Daarnaast werd een besluit aangenomen over veiligheid van journalisten. In dit besluit wordt erkend dat journalisten en hun familieleden door hun werk het risico lopen op geweld en intimidatie. Het besluit roept op om effectieve maatregelen te nemen om de straffeloosheid voor misdaden tegen journalisten te beëindigen.

Zo lukte het -voor het eerst in vier jaar- om binnen alle drie de dimensies besluiten te nemen. Een heel mooi resultaat in het huidige moeilijke veiligheidsklimaat!