Foto Bart van Hoek

Onze ambitie

Wij willen in 2030 de helft minder primaire grondstoffen verbruiken en in 2050 willen wij 100% circulair zijn. Waar mogelijk zullen we dit versnellen. Wat er nodig is voor 100% circulair ontwerpen, bouwen, inkopen en uitvoeren, zijn we samen met onze ketenpartners aan het ontdekken.

Hoe doen we dat?

We werken toe naar circulair werken door de grondstoffen hoogwaardig te hergebruiken en zo min mogelijk afval te produceren. Ook ontwerpen we onze infrastructuur en gebouwen zoveel mogelijk circulair. Onze inkopen zijn zoveel mogelijk maatschappelijk verantwoord en we zoeken naar duurzame alternatieven. Daarmee willen we bijdragen aan de ambitie om vanaf 2022 de uitstoot met 1 megaton CO2 per jaar te besparen.

Samen met kennisinstituten, het bedrijfsleven en medeoverheden, trekken we gezamenlijk op in projecten. Het motto is: “leren door doen!” We onderzoeken met hen welke methode tot de beste resultaten leidt om ons doel te bereiken. De 4 actielijnen zijn:

  1. inzicht in de beschikbare grondstoffen en materialen;
  2. circulair ontwerpen en bouwen;
  3. circulair inkopen;
  4. circulair materiaalgebruik.

 

Uitgelicht: Week van de Circulaire Economie

Tijdens de Week van de Circulaire Economie in januari 2018 organiseerden we meer dan tien openbare kennissessies en netwerkmomenten om de transitie naar de circulaire economie te versnellen. Er waren onder meer sessies over schaarse grondstoffen, circulair en modulair ontwerpen, circulair asfalt en circulariteit in assetmanagement. En meer:

  • AMROR, een samenwerking tussen gemeente Amsterdam, gemeente Rotterdam en Rijkswaterstaat, presenteerde state-of-the-art circulaire ontwerpprincipes;
  • Een presentatie van de duurzame afvaltas, een idee van de Raad van Kinderen van Rijkswaterstaat;
  • Samen met het Rijksvastgoedbedrijf, NEN en Bouwcampus de lancering van het platform Circulair Bouwen 2023;
  • Een gedenkwaardig eindsymposium over de speerpunten in de transitie naar een circulaire economie dat wij samen met Circle Economy en C-Creators organiseerden.

Waar staan we nu?

Inzicht in de beschikbare grondstoffen en materialen
Rijkswaterstaat heeft in 2017 geëxperimenteerd met een materialenpaspoort. Een materialenpaspoort is een registratie van onder andere de gebruikte bouwmaterialen, de financiële waarde, de levensduur, de kwaliteit en de wijze van constructie en montage.

Circulair ontwerpen en bouwen
In 2017 is voor de nieuwe N18 naast een traditioneel viaduct ook een circulair viaduct ontworpen. Rijkswaterstaat heeft hierin samen met de ketenpartners opgetrokken. Zo’n modulair opgebouwd viaduct bestaat als het ware uit legoblokken, die kunnen worden hergebruikt.

Het nieuwe bedieningsgebouw van de Reevesluis wordt zo gebouwd dat het in zijn geheel kan worden verplaatst naar een andere locatie.

In het voorjaar van 2017 zijn we verhuisd naar Rijnstraat 8 in Den Haag. Dit voormalige VROM-kantoor is volledig gerenoveerd voordat wij onze intrek namen. Bij de renovatie is gekozen voor zoveel mogelijk behoud en hergebruik van de bestaande structuren en materialen. De materialen zijn voor 99,7% gerecycled.

Circulair inkopen
In oktober 2017 hebben we de kantoorinrichting van 100.000 werkplekken circulair aanbesteed. Hiermee willen we bestaande producten en materialen hergebruiken, de levensduur van bestaand meubilair verlengen en nieuwe circulaire producten ontwerpen.

Circulair materiaalgebruik
We gebruiken het instrument DuBoCalc in al onze grote infrastructurele aanbestedingen, waarmee ook circulair materiaalgebruik wordt bevorderd.

Hoe gaan we verder?

De weg naar een circulaire economie is niet in beton gegoten, dus het is leren door te doen. Samen met onze ketenpartners zijn we aan de slag en betreden we ruw terrein. Daarbij moeten we verschillende uitdagingen het hoofd bieden. De voorbeelden tonen aan dat wij goede stappen hebben gezet. Dat geeft ons vertrouwen voor de toekomst en maakt dat wij de komende jaren op deze voet doorgaan.
We willen resultaten meetbaar maken. Samen met TNO werken we aan het operationaliseren van de doelen. Daarvoor is een indicator in ontwikkeling die beoordeelt hoe circulair een organisatie werkt.