Foto Werkbezoek Jan Hendrik Dronkers op de Tweede Maasvlakte

Doen we wat we kunnen? 

‘Het ministerie dat ademt waar het op toeziet: van treinen tot recyclebakken’, kopte het Financieele Dagblad op maandag 25 maart 2024. En dat is waar. In alles proberen we zo circulair mogelijk te werken. In het gebouw aan de Rijnstraat 8 zitten veel duurzame of gerecyclede bouwmaterialen. Qua energie zijn we daar praktisch zelfvoorzienend. Noblesse oblige. Maar doen we wat we kunnen? Onze ambitie is: in 2030 werkt de hele organisatie en uitvoering klimaatneutraal en circulair. Als we zeggen dat alles wat we doen duurzaam gebeurt, dan moeten we onszelf die vraag continu stellen: doen we wat we kunnen? Zeker, werken aan beleid en uitvoering voor duurzame mobiliteit, een circulaire economie, een gezond en veilig leefmilieu en klimaatadaptatie is onze core business. Maar hoe staat de organisatie er zelf voor, en hoe doen we het in onze infraprojecten?  

In dit duurzaamheidsverslag leggen we verantwoording af voor ons eigen handelen in het jaar 2023. En dan zien we meteen een daling van 3% CO₂-uitstoot ten opzichte van 2022. Dat is het resultaat van vasthoudendheid, daadkracht en heel hard werken. Maar naast die concrete maatregelen gaat verdere verduurzaming vooral over systeemveranderingen. Doen wij hierbij wat we kunnen doen? Halen we onze doelen en ambities voor 2030? Dat vraagt om een transitie en grote inspanningen van iedereen in de organisatie.  

In 2023 hadden we op een aantal plaatsen de wind mee. Letterlijk soms. Minister Harbers opende het Windpark Tweede Maasvlakte, waarmee we vanaf 1 januari 2024 klimaatneutraal zijn voor al ons elektriciteitsverbruik, waaronder bijvoorbeeld de verlichting langs de snelwegen en ventilatie in tunnels. In onze gebouwen hebben we minder gas verbruikt. We rusten onze panden steeds energiezuiniger uit. Zo kreeg de verkeerscentrale van Rijkswaterstaat bij Utrecht een warmtepomp, waarmee het gasverbruik met 90% procent omlaag ging. Dat had ook met de lauwe winter te maken, maar toch. Ook rijden we steeds meer elektrisch. Dat lukt nog niet voor de auto’s van de (weg)inspecteurs en de busjes van de ILT, maar daar zijn in 2023 wel pilots met elektrische auto’s gestart. Voor het gebruik van brandstoffen hebben we nog een grote uitdaging voor ons. Sommige schepen van de Rijksrederij varen op biodiesel, we onderzoeken of we schepen op methanol kunnen laten varen en we helpen de maritieme sector met duurzame innovaties. Maar in 2030 zullen zeker niet alle schepen klimaatneutraal of emissieloos varen.  

Bij Rijkswaterstaat wordt hard gewerkt op weg naar klimaatneutrale en circulaire infraprojecten. Zo zijn innovatieve behandelingen voor het zoab wegdek van snelwegen bedacht, waarmee vervanging twee of drie jaar uitgesteld kan worden. En betonnen liggers van viaducten kunnen worden hergebruikt. We werken natuurlijk veel samen met andere (Rijks-)overheden, met maatschappelijke organisaties, burgers en bedrijven. In 2023 ondertekenden we samen met 44 andere organisaties, waaronder ProRail, het convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB). Dat betekent niet meteen oogsten, maar deze plannen en samenwerkingsverbanden zijn wel essentieel om straks resultaten te kunnen verzilveren. Daarin gaat de kost voor de baat uit. Dat wij ons daar als een betrouwbare samenwerkingspartner presenteren is trouwens ook een belangrijk onderdeel van duurzaam werken. Want goede partnerschappen, daar moeten we zuinig op zijn!  

Maar doen we genoeg om in 2030 klimaatneutraal te werken? IenW breed liggen we met een CO₂-reductie van 51 procent ten opzichte van 2009 goed op het schema naar het tussendoel in 2027 van 75 procent. Maar toch: het brandstofverbruik is lastiger te verduurzamen dan het elektriciteitsverbruik. We scheiden ons afval nog steeds niet goed genoeg. De praktijk is weerbarstig. En dat is niet zo gek, als je het over een systeemverandering hebt. Daar moeten we als organisatie wat mee. En daar moeten we uiteindelijk ook allemaal op onze eigen manier wat mee. Mijn vraag aan jou – lezer van dit Duurzaamheidsverslag – is: waar zouden wij bij Infrastructuur en Waterstaat volgens jou meer kunnen doen (of laten) om in 2030 klimaatneutraal en circulair te werken? En wat kun jij doen (of laten) om ons daarbij te helpen?  

Ik wens je veel inspiratie bij het lezen van dit verslag. 

Jan Hendrik Dronkers 
Secretaris-Generaal